dinsdag 25 oktober 2011

De bakker die geen winkelmeisje was

De bammetjes waren weer eens nagenoeg op. Dus ik deed een greep in de kast naar een boodschappentas en wandelde naar de bakker. Zo noem je dat in volksmonderig Nederlands: 'naar de bakker gaan'. Is natuurlijk iets van uit het stenen tijdperk, toen de bakker zelf nog na het bakken van de broden, in de zaak ging staan om zijn waar aan de man en de vrouw te brengen.

Nu is dat niet meer, geloof ik. Ik tref namelijk altijd een winkelmeisje en ook iedere keer weer een ander. Deze keer bleek het winkelmeisje een man te zijn; een winkeljongetje. Hij stond met zijn rug naar mij toe te bellen en hij klonk lichtelijk in paniek. Ik kuchte eens voorzichtig en hij draaide zich daarop om. De paniek in zijn stem was in zijn geheel niet af te lezen van zijn gezicht, die stond allervrolijkst.

Hij vertelde de persoon aan de andere kant van de lijn dat hij een klant in de zaak had en dat hij wel zou bellen als hij weer wat moest weten. Ik zei hem wat ik wilde hebben en hij pakte de broden bij elkaar. Hij legde een brood op de broodsnijmachine en keek er vervolgens naar met een intense blik, alsof de machine daarmee vanzelf aan het werk zou gaan. Uiteindelijk vond hij de aanknop. 

Ik vroeg of hij misschien nieuw was. Nou, dat was hij niet. Hij was namelijk de bakker himself. Hij had al het brood staan bakken in een andere wijk - Wyck genaamd - en door ziekte en herfstvakantie en nog wat ongein was hij nu ook nog eens gebombardeerd als winkelmeisje, uh, jongetje. Hij zag er de lol wel van in, maar hij had echt geen idee. Bij het betalen bleek hij ook nog eens geen wisselgeld te hebben. Na wat heen en weer gereken, heb ik uiteindelijk zijn laatste euro gekregen.

Dag bakker!

dinsdag 11 oktober 2011

Im memoriam Redje 1998 - 2011

Daag, lieve dikke gekke luie rooie knuffel!


vrijdag 7 oktober 2011

Wordfeud



maandag 3 oktober 2011

Ook Ali B. kan inspireren

Quote: 'Je bent een nietsnut. Maar wat is iets zonder niets. Misschien heeft niets nut.'

maandag 26 september 2011

Van de jacht naar de lust en de last.

Deze is voor de mederestaurantgebruikers van zaterdagavond in Jachtlust: sorry!
Ik kan niet anders zeggen dan 'sorry'. We waren een tikkie te luidruchtig en dat spijt ons zeer. Ik spreek even namens de rest van de familie, die u - nou ja, u was niet in grote getale, wij hebben u in aantal duidelijk overtroffen en wellicht dacht u dat wij met 119 personen waren in plaats van 19, maar toch - op wellicht ietwat onaangename wijze hebt leren kennen.

We hadden een feestje, maar dat was u ongetwijfeld opgevallen. Onze moeder Maria had die week een memorabele leeftijd bereikt en dat wordt door ons altijd op gepaste wijze gevierd. En aangezien we elkaar niet wekelijks zien, door enige kilometers afstand tussen ons, hebben wij wel het een en ander te bepraten. Dat kan uiteraard op een volume dat anderen daar niet persé van hoeven mee te genieten en ik ben het met u eens, dat had ook gemoeten. Maar helaas, wij hadden onszelf weer eens niet in de hand.

Normaliter zouden we de schuld op de kinderen kunnen schuiven. Onaangepast en niet al te best opgevoed, maar dat is niet mogelijk. De kinderen hebben zich buitengewoon behoorlijk gedragen. Geen onvertogen woord. Daar kwam de overlast dus niet vandaan. Van kinderen kunnen we eigenlijk ook niet meer met goed fatsoen spreken, op twee na, maar die hebben ook de leeftijd van gezond verstand inmiddels bereikt. De rest gaat hardhollend richting de volwassenheid en een deel neemt inmiddels prachtige - letterlijk en figuurlijk - vriendinnen mee.

Ik zeg u nogmaals, sorry, het waren wij, de tweede generatie. Wij hebben u tot wanhoop gedreven, maar gelukkig nog niet voortijdig het restaurant Ășit gedreven. We praatten te hard, we lachten te hard, we gaven commentaar te hard en probeerden over zes meter tafel met elkaar te communiceren. Sorry.

We hopen dat u ondanks ons toch heerlijk gegeten heeft in dit restaurant. Wij namelijk wel, in zes bedrijven. Er kwam geen einde aan. Dat dacht u waarschijnlijk ook. Sorry dat we u tijdens de lust tot last waren.

Dan zeg ik ook nog even 'sorry' tegen de mevrouw die elke keer wilde uitleggen wat er op ons bord lag. Sorry mevrouw, dat het zo lang duurde voor we stil waren en het leek alsof we u niet serieus namen. Want we namen u en het eten zeer serieus. We namen alleen elkaar niet zo serieus, of wel, soms, af en toe in een goed gesprek.

Kortom: sorry voor ons, maar wij hebben een heerlijke dag gehad.

vrijdag 16 september 2011

Me: like!

vrijdag 9 september 2011

Lief konijntje

Mus heb ik de laatste eer bewezen en aan Vink en Muis heb ik ook wat woorden gewijd. Ik vind het allemaal nog daar-aan-toe. Zelfs een opgejaagde muis die het walhalla vond in mijn voorraadla kan ik nog handelen. Maar een lief klein konijntje...

Laat ik u dit vertellen, het is 1-0 voor het konijn.
Guus is met zachte hand naar binnen gebonjourd. Het konijn heeft even de tijd genomen op adem te komen, heeft zich opgekalefaterd en is toen rustig de tuin uitgehupt.

Guus heeft nog een kwartier hieperdepiep door het huis gelopen, nadat ik de ergste modder van hem had afgesopt. Hij had natuurlijk met zijn kont in het konijnenhol gezeten. Daarna heeft hij zich op zijn etensbak gestort en is maar eens lekker een potje gaan slapen.